Hantum in het begin van de 20e eeuw

Deel 2

De twee woningen achter 't perceel van Velink en achter dat door ons bewoond zijn in latere jaren gebouwd. Het laatst genoemde dateert van 1909 en werd toen bewoond door Rein Sietsma. Ik herinner mij nog dat ik bezig was met de betimmering van de woonkamer op 30 april 1909; de klok begon te luiden; er was 'n prinses geboren, onze tegenwoordige Prinses Juliana. Buurman Velink sprak z'n diepe teleurstelling uit dat 't geen prins was: dat kan ik me nog goed herinneren. Wat zou deze goede man genoten hebben in d e jaren '60 bij de geboorte van al die prinsen in onze Koninklijke familie.

Nu steken wij, tegenover de herberg, de weg over in onze gedachten. Daar stond de smederij van Ype Stienstra. Ype en Trijn hadden drie jongens die tot mijn speelmakkers behoorden - de oudste twee dan - de jongste was van later datum.
In die tijd leefde de vader van Ype ook nog. Die had 'n eigen kamertje. Oude "baas Gosse" was een vooraanstaand man op kerkelijk organisatie-terrein,

De steeg naast dit huis heet "Wiegerssteegje". Hier woonde destijds Piet Wiegers Terpstra. Naar diens vader in de steeg genoemd, vermoed ik. Er was een zoon Klaas geheten die een mijner speelmakkers was.
Achter hun woning was nog een woonvertrek waar "Sjoerd Mina" woonde. De man, Sjoerd Kamminga, was veel van huis in 't buitenland. Mina Wilhelmina Beijer was haar volledige naam. 't Was een zuster van "Idse Mietsje", onze buurvrouw. De moeder werd "Cato Gjetsje" genoemd. Die was afkomstig, naar ik meen uit Overijssel en sprak 'n dialect uit die streken.
Mina had één dochter uit 't huwelijk met Sjoerd Kamminga, Ulkje genoemd, maar later werd er nog een dochtertje geboren, hoewel Sjoerd sinds lang niet in Hantum was geweest. Dit gaf uiteraard in 't dorp nog al enige deining. Een verversknecht van Stevens Minke, de weduwe van Stevens Smits, Sytse werd als vader gedoodverfd en verliet ijlings Hantum, waar de grond hem blijkbaar te warm werd. Mina vertrok later met haar beide kinderen en haar oude moeder naar 't nabij gelegen Brantgum, alwaar ze 'n tweede huwelijk aanging. Sjoerd was van haar gescheiden of inmiddels gestorven, dat kan ik mij niet meer herinneren.
Dan kwam de ververij, al genoemd, van de fam. Smits. Hier waren drie jongens: Jochem, Bauke en Jan en naar ik meen één dochter.
Dan stond - aan de straat - nog 't huis waar Sjoek en Lysbet woonden. Sjoek Kamminga en Elisabeth van der Meulen. Daar was ik als kind in huis. Er was één zoon Gatse en één dochter Gepke. Deze laatste werd de vrouw van vaders jongste broer Harm, en dus mijn tante. Naast hun in 'n kamertje woonden nog 'n paar oude dames, waarvan ik mij de namen niet meer herinner.
Later werd er op de hoek naast dit huis een nieuw huis gebouwd voor Sjoek en Lysbet.
Juffrouw Halma betrok toen met de genoemde oude dames 't oude huis.
Sjoek Kingma was "hounegisler" in de kerk. Als men de roman van Abe Brouwer "De Gouden Swipe" leest, dan dient men te weten, dat "De Vrijhof" terug te vinden is in de boerderij even buiten Hantum aan de weg naar Brantgum, destijds bewoond door de fam. Beeking. in de figuur van de arbeider Bouke Hemminga kan men dan Sjoek Kamminga herkennen.
Het pad naast het huis van Sjoek en Lysbet droeg toen de naam "De vleesmarkt". Tegenover de fam. Smits woonde Jan Wiegers Terpstra. Deze was daarvoor "zetmeijer" geweest op de tweede boerderij van Wassenaar op "De Vitse".
Er was een dochter: Tjitske - van mijn leeftijd - en twee jongens meen ik. Eén daarvan - Klaas - was erg bedreven in de omgang met tuigpaarden. Waarvan er bij Wassenaar en Hannema destijds heel wat werden gehouden.
Ik meen mij te herinneren dat hij op 'n ongelukkige wijze - door verdrinking in een sloot aan de "lytse reed" - om 't leven is gekomen.

 
 HOME 

 De dorpen 

 Verenigingen 

 Dorpsblad   HichtePunten 

 Historie




 Inleiding 

 -  1 -     -  2 - 
 -  3 -     -  4 - 
 -  5 -     -  6 - 
 -  7 -     -  8 - 
 -  9 -    - 10 - 





 Afdrukken?